Cultclub Sankt Pauli: De piraten van de Bundesliga of FCSP Belgium in HBVL

De fans keren zich tegen alles wat het moderne voetbal kenmerkt. Ze schoppen tegen de schenen van het establishment en racisten zijn er des duivels. FC Sankt Pauli schippert voortdurend tussen de commerciële verlokkingen en de dwang van zijn mythe. O ja, er wordt ook nog gewoon gewonnen en verloren. Maar dat komt slechts op de tweede plaats. Dit is het verhaal van de piraten van het voetbal.

Een tweedeklasser uit Hamburg met een leeg palmares, zonder topaankopen, midden in de rosse buurt. Toch is het Millerntor-Stadion voor elke thuiswedstrijd tot de nok gevuld met 30.000 fans. Het hoeft dan ook niet te verbazen dat FC Sankt Pauli meer bekend is voor zijn fans dan voor wat er op het veld gebeurt.

Sankt Pauli was ooit een elitair clubje, dat in derde klasse nooit meer dan 3.000 toeschouwers lokte. De jaren 80 zouden het uitzicht van de club voorgoed veranderen. Het hooliganisme vierde hoogtij in Europa. Ook in Hamburg keerden steeds meer mensen het grote HSV, besmet door extreemrechts, de rug toe. Tegelijkertijd veranderde Sankt Pauli van een arbeiderswijk naar een krakersbuurt. “In de jaren 80 woedde er een hevige strijd om panden vlak bij de haven”, zegt Danny Janssen, oprichter van Sankt Pauli Belgium. “De huizen werden er gekraakt. Straatgevechten met hooligans mondden uit in grote demonstraties.” De samenloop van omstandigheden maakte van de wijk een bonte mengelmoes van punkers, antifascisten en allerlei linkse activisten. “Ze palmden in het stadion de tribune tegenover de hoofdtribune in, de Gegenrade.” Daar ontstond een totaal nieuw fenomeen. De fans lieten hun politieke overtuiging niet achter op straat. In het stadion bleven ze antiracistisch en tegen commercie. “Iedereen wil winnen, maar dat is bij ons niet het belangrijkste. Het zijn de waarden die tellen”, zegt Danny Janssen. Die waarden noemen ze in Sankt Pauli hun Selbsverständlichkeit, de vanzelfsprekendheid. “Wij zijn tegen fascisme, racisme, homofobie, antisemitisme en heten vluchtelingen welkom. Sankt Pauli wordt geassocieerd met extreemlinks, maar je kan ook perfect tegen fascisme zijn en rechts in gedachten. Ik sta ook echt achter de waarden van de club. Ik denk dat iedereen een ander nog wil helpen. Dat zijn ook de waarden van Sankt-Pauli: Help iemand die het slechter heeft dan jij. Dat is de vanzelfsprekendheid.”

Het bestuur van de club verplicht de supportersclubs ook om die waarden letterlijk te ondertekenen. “Als ze erachter komen dat ik me daar niet aan houd, dan word ik eruit gegooid. Iemand die stomme bruine durft te roepen, ziet zijn abonnement aan flarden gescheurd en komt het stadion nooit meer binnen.”

Evenwicht tussen imago en inkomsten

In het rijk van koning voetbal regeert het grote geld. Zelfs in de tweede Bundesliga speel je geen rol van betekenis met alleen mooie woorden en goede bedoelingen. “De extreemlinkse supporters zouden het liefst geen reclame zien”, zegt Janssen. “De club staat voortdurend in spagaat tussen commercialiseren en het bewaken van hun imago. Dat imago is op zich ook een merk en eigenlijk verkoopt Sankt Pauli ook zijn imago. Ik kan niet van mijn club verwachten dat ze de wereld veranderen, want dan zijn ze binnen de kortste keren bankroet.”

Bedrijven hangen wat graag hun wagonnetje aan de cultclub. “Je wordt niet zomaar sponsor, maar je moet ook iets meer doen. Hoofdsponsor Congstar zet bijvoorbeeld vaak een boodschap tegen racisme of een regenboogvlag op hun boarding. Elke sponsor moet verantwoording afleggen. Momenteel is er heel wat te doen over kledijsponsor Under Armour. De oprichter heeft zich in de VS geuit als fan van Trump. De supporters willen daar van af. Anderzijds gaat het om veel geld en Under Armour steunt ook de jeugdwerking. Het bestuur gaat hen nu niet buiten gooien, maar ik ben ervan overtuigd dat ze vliegen als in 2023 het contract afloopt. Ben&Jerry’s is ook sponsor van Sankt Pauli, omdat zij aan fair trade doen. Als een ander bedrijf meer geld biedt, maar dat niet kan voorleggen dan blijft het toch Ben&Jerry’s. Dat wil zeggen dat je heel veel geld laat liggen. Het is voortdurend zoeken naar een evenwicht.”

Een uitverkocht stadion helpt alvast. “Voor zitplaatsen gelden de gangbare prijzen. Staanplaatsen (12,5 euro, nvdr) zijn fors goedkoper. Als je aan de kassa je dopkaart laat zien, dan krijg je korting. Als elders het stadion vol zit, worden de prijzen verhoogd. Hier niet.” Hoe blijft de club dan uit de rode cijfers? “Dankzij hun merchandising”, zegt Janssen. “Dat is een overlevingsstrategie.” Het hele gamma is beschikbaar, van douchegel tot chocolade en van sokken tot truien en de prijzen zijn niet mals. “De truien worden geproduceerd in India, maar de club controleert ginds de werkomstandigheden. De nadruk ligt op duurzame materialen. Daarom is het ook duurder.”

Sportief gaat het de club voor de wind. Sankt Pauli ging als derde de winterstop in en strijdt nog volop mee voor promotie. Janssen: “De spelers zijn geen armoezaaiers, want we hebben een Noors international lopen. Eerlijk gezegd hoeft die promotie voor mij niet, want dan moet de club zijn ziel nog meer verkopen. Tweede klasse wordt nog goed gevolgd in Duitsland. Zo brengt Sankt Pauli uiteindelijk zijn boodschap toch over. Maar als je naar derde of vierde klasse zakt, dan verdwijnt het forum om die boodschap uit te dragen.”

Ook in België?

In Duitsland mogen commerciële investeerders nooit meer dan 49 procent van de aandelen van een club in handen hebben. Volgens de befaamde 50+1-regel hebben private investeerders het voor het zeggen in de algemene vergadering. “Ik ben ook lid, dus ik heb ook stemrecht”, knikt Janssen. “Als de club de prijzen van het bier wil aanpassen, dan moet dat in overleg gebeuren. KRC Genk heeft bijvoorbeeld al vier logo’s gehad. Zoiets moet in Duitsland eerst goedgekeurd worden door de algemene vergadering. Een bestuurslid dat met zo’n voorstel afkomt, wordt ter plaatse omgelegd.”

Zou het een oplossing zijn om die 50+1-regel ook in België in te voeren? Janssen: “Iemand als Coucke zal nooit aanvaarden dat een supporter evenveel te zeggen heeft als hij. Het kan volgens mij wel, maar dan moeten de clubs de tering naar de nering zetten. Laat ons eerlijk zijn, als Sint-Truiden zijn ziel niet had verkocht aan de Japanners was het afgelopen geweest. Met elf Truiense boerenpaarden op het veld zou het stadion vol zitten, maar met die boerenpaarden kan je niet mee. En dan is de vraag: wat wil ik als club? En dat heeft Sankt Pauli begrepen. De voetbalclub verbindt een hele gemeenschap. Via die gemeenschap willen we arme mensen helpen, plastic opruimen, waterpompen plaatsen in Afrika en Nepal.”

KRC Genk zamelde de voorbije maanden nochtans tonnen voedsel in voor kansarme gezinnen in de regio. “Zulke acties worden vooral gehouden omdat het lekker bekt tegenwoordig”, meent Janssen. “Zoiets moet van onderuit komen. In Duitsland zijn veel supportersclubs machtiger dan ze denken. Een organisatie als het OSV staat toch voor niets? Ik roep hen op ook een boodschap uit te dragen en meer mensen mee te pakken. Als iemand dreigt te ontsporen, neem die dan mee in je groep. En zeg: kom met ons mee, want hier is het gezellig.”


eerste belgische supportersclub in sint-truiden

“Voetbal is machtiger dan we denken”

Zwart, wit, rood en bruin, netjes verdeeld over de vier muren. De clubkleuren van Sankt Pauli sieren de woonkamer van Danny Janssen in Sint-Truiden. Nochtans had hij in een nog niet zo ver verleden een blauw-wit hart. “Ik maakte een persoonlijke website over KRC Genk en Erik Gerits vond dat die er beter uitzag dan die van de club zelf. Gerits heeft me toen gevraagd of ik me wilde ontfermen over de echte website.” Janssen hoorde voor het eerst van Sankt Pauli via… Branko Strupar. “In 1997-1998 speelden Oulare en Keita vooraan. Genk dacht er toen aan om Strupar te verkopen. Eén club toonde interesse en dat was Sankt-Pauli.”

Vijftien jaar later zag Janssen de club uit Hamburg voor het eerst aan het werk. “Ik stond met mijn vader in het bezoekersvak in Aken. Dan word je gegrepen en laat die club je niet meer los. Het lijkt wel een passionele relatie. Die club staat voor zoveel dingen.”

Janssen richtte met FC Sankt Pauli Belgium een officiële supportersclub op. “Onze leden komen uit het hele land: drie in Waregem, eentje in Brussel, … . In totaal zijn we met 19. Zo’n zes keer per jaar rijd ik 580 kilometer naar Hamburg. Je moet wel hemel en aarde bewegen om aan tickets te geraken, want de thuismatchen zijn altijd uitverkocht. We trekken dan noodgedwongen naar de uitmatchen in Keulen, Bochum, Duisburg,…”

De fanclub wil de waarden van Sankt Pauli in ons land uitdragen. “Het hoofddoel was eerst dat ik niet alleen naar de matchen moest”, lacht Janssen. “Mijn grote voorbeeld is de officiële supportersclub van Sankt Pauli in Glasgow. Ze halen illegalen uit de asielcentra om samen te voetballen. Ze verzamelen ook oude voetbalschoenen voor kansarmen. Zij tonen engagement voor lokale projecten en dat zou ik met de club ook willen doen.”

Janssen is op zoek naar gelijkgezinden. “Het voetbal is machtiger dan je denkt. En als je het voetbal vast hebt, heb je ook de jeugd. Voetbal kan mensen verbinden en onze fanclub kan daar een platform voor zijn.”


Het symbool : De doodskop

De supporters van Sankt Pauli scharen zich achter de beroemde zwarte vlag met doodshoofd. “Een zekere Doc Mabuse bracht die vlag in 1976 voor het eerst mee”, vertelt Janssen. “Hamburg is een havenstad en hij had die onderweg bij een standhouder gekocht. Daar is de legende begonnen.” Het symbool belichaamt alles waar Sankt Pauli voor staat. “We zijn de piraten van de liga. We zijn geen eenheidsworst. We staan voor bepaalde waarden en stompen tegen de schenen van anderen om hen wakker te schudden. Dat is een boodschap die steeds breder aanslaat.”


De Separees : Sixtijnse kapel

Het Millerntor-stadion van Sankt-Pauli telt 32.000 plaatsen en werd in fases gerenoveerd. Een hoek in het stadion is gereserveerd voor een crèche en een school met een speelplaats op het dak. Nog opvallender zijn de séparées. “Dat is een andere naam voor de klassieke loges”, legt Janssen uit. “Elk heeft zijn eigen thema. De eerste werd een Sixtijnse kapel. In plaats van op luxueuze stoeltjes zit je daar op kerkbanken. Sindsdien woedt er een strijd om de mooiste en de origineelste te hebben.”


De enige trofee : Weltpokalsiegerbesieger

Op 6 februari 2002 verslaat Sankt Pauli in eigen huis het grote Bayern Munchen met 2-1. De zege kan niet voorkomen dat de club degradeert, maar Sankt Pauli houdt aan die illustere avond wel zijn enige ‘trofee’ over. Sankt-Pauli heeft immers de wereldkampioen bij de clubs geklopt en dat maakt hen de Weltpokalsiegerbesieger. Van het T-shirt gaan in een jaar tijd 50.000 stuks over de toonbank.


Bekendste supporter: Ed Sheeran

De bekendste supporter van Sankt-Pauli is Ed Sheeran, maar ook hij is niet onomstreden bij de fans. Danny Janssen: “Voor sommigen is hij te bekend. Ik kan me wel voorstellen dat heel veel mensen die trui aantrekken net omdat het tegenwoordig hip is. Maar als de echte aanhang begrepen heeft dat je niet zo bent, word je heel fel opgenomen in de groep. Ik ben geen buitenstaander. Ik kom supporters tegen uit Amerika, Candada, Engeland, Schotland, Nederland, Denemarken,… Ik kom de wereld tegen in Sankt Pauli en dat is van het mooiste dat er is. Achter die tweedeklasser zit iets massief groot en dat willen al die mensen over de hele wereld uitdragen.”

Met dank aan Bron Krant: www.hbvl.be 2-01-2019